Hij is uitgekozen door Wesley die hem krijgt voor zijn 8e verjaardag, er is -heel dubieus - dus vaak sprake van de harige witte Bips van Wesley....
Uiteraard gaat Bibbel veel op de foto,
als jonge kater is hij een actief speelkameraadje voor de kinderen,
weet regelmatig aandacht te vragen door bijvoorbeeld
in hoge bomen te klimmen en er vervolgens niet meer uit te durven.
Bibbel is vooral een gezellig beest die graag bij je zit.
Met het verstrijken van de jaren wordt hij steeds iets rustiger.
Aan dat rustige leven komt op brute wijze een eind op zaterdag 28 september 2013
als Jacqueline Loki komt brengen, een Noorse boskat.
De naam Loki komt uit de Noorse mythologie en staat voor plaaggeest,
en dat heeft Bibbel geweten!
Buiten trekt Bibbel veel op met Kitty, de kat van Caroline en Rik,
ook heeft hij veel vogel- en muizenvriendjes, wat overigens niet wederzijds is.
Van deze vriendjes blijven doorgaans niet meer dan wat veertjes en een staart over.
Als gezonde stevige kat weegt Bibbel in die tijd rond 6 kilo,
volgens de dierenarts is het een grote sterke kat.
De jaren vliegen voorbij en Bibbel wordt merkbaar ouder, dat merken we vooral als hij in 2020 al slechter gaat lopen.
De dierenarts denkt dat hij stram is en vooral na het slapen wat stijf. Het zijn de coronajaren, iedere thuiswerkdag ligt Bibbel op het logeerbed achter me, ga ik koffie halen dan loopt hij mee naar beneden voor brokjes en wat water, om daarna weer met me mee naar boven te lopen om zijn dutje voort te zetten.
Uiteraard komt hij ook op de tuinstoel naast me zitten zodra ik denk dat het weer daarvoor geschikt is, zelfs Loki komt er dan vaak bij liggen.
In 2021 valt het ons op dat Bibbel erg afvalt, van de 6 kilo is nog maar 4 kilo overgebleven en het lopen gaat ook niet geweldig. De dierenarts wordt weer geraadpleegd, conclusie is dat Bibbel al op leeftijd is en wat reumatische klachten heeft. Dat herhaalt de dierenarts in maart 2022, al vinden we Bibbel dan wel erg dun geworden.
Als ik vrijdag 10 juni thuis kom blijkt Bibbel voor het eerst in zijn leven niet meer overdreven hard te snorren.
Zoals gebruikelijk ligt hij wel de zaterdag en zondag boven op een bed te slapen, maar zondagavond kan ik hem niet vinden.
Omdat hij ook niet bij de achterdeur zit te wachten denk ik dat hij toch ergens op een bed ligt. Dat blijkt maandagmorgen niet zo te zijn, ook zit hij niet bij de achterdeur.
Na een uur werken besluit ik hem te gaan zoeken, Bibbel heeft in ruim 2 jaar tijd geen maandagmorgendutje op de logeerkamer gemist.
Als ik hem verderop in de straat vind kan hij bijna niet meer lopen, dus til ik hem naar huis. Zijn vacht is vervuild, hij verzorgt het ook niet meer. Om 11.00 bij de dierenarts blijkt zijn lichaamstemperatuur 35,6 graden, veel te laag voor een kat (38,5-39 graden).
Waarschijnlijk doen zijn nieren het bijna niet meer, iets waar de dierenarts geen oplossing voor heeft. Hij krijgt een prik met medicijnen, krachtvoer en ik krijg de opdracht hem met een kruik warmer te laten worden.
De maandag en dinsdagmorgen drinkt hij nog iets en eet nog een klein beetje, daarna is het klaar.
Hij probeert zich te verstoppen en voelt zich duidelijk merkbaar niet goed. Halverwege de middag besluiten we hem verder lijden te besparen, zodat hij nu in de kattenhemel achter vogels en muizen aanjaagt.